Om alle inhoud te kunnen zien hebt u de actuele versie van Adobe Flash Player nodig.

Hoofd pagina pagina 1 pagina 2 pagina 3  pagina 4 pagina 5 pagina 6 pagina 7  pagina 8  pagina 9 pagina 10 pagina 11 pagina 12 pagina 14 pagina 15 pagina 16 pagina17 pagina 18 pagina 19 pagina 20 pagina 21 pagina 22 pagina23 pagina 24 pagina 25 pagina 26 pagina 27 pagina 28 pagina 29 pagina 30 pagina 31 pagina 32 pagina 33 pagina 34 pagina 35 pagina 36 pagina 37 pagina 38 pagina 39 pagina 40 pagina 41 pagina 42 pagina 43 pagina 44 pagina 45 pagina 46 pagina 47  pagina 48 pagina 49 pagina 50 pagina 51 

pagina 32

Op dinsdag 10 augustus vervolgen we onze reis naar de Atlantische oceaan. We komen weer terug in Contis Plage. Het is zo mogelijk nog drukker dan de eerste keer. We kunnen pas de andere dag op een goede plek staan, aan de kant. We hebben uitzicht op het toiletgebouwtje. Daar staan na een stranddag rijen mensen die zich willen opfrissen bij de koude douche, Er is markt op het dorp, gezellig. We kopen vlees bij de slager op die markt, maar het blijkt 's avonds niet zo lekker als het er uitzag. Het weer valt een beetje tegen, vooral bewolkt . We gaan nog wel even naar het strand, maar moeten alweer snel terug naar de camper: het begint te regenen.De volgende dag is het weer niet veel beter. Kees gaat de vuurtoren beklimmen. Die is 1856 gebouwd om schipbreuk te voorkomen in de golf van Biscaje. De toren heeft 183 treden en is 38 meter hoog. De 4 lichtstralen hebben een bereik van 23 mijl . Wat het weer betreft, het blijft wisselend bewolkt. We denken erover morgen weer verder te gaan.

In de rij voor de douche Even naar het strand De vuurtoren De camper vanaf de toren

Bossen,strand en zee

En we gaan verder naar Montalivet les Bains. We gaan daar op de camperplek staan en lopen een rondje door het dorpje. De marktkramen worden net opgeruimd. En dan te bedenken, dat ze morgenvroeg weer moeten worden opgebouwd ! En dat 7 dagen per week ! Een grote camper zakt later op de dag weg in het rulle zand. Kees schiet te hulp met zijn rijplaten en touw. Vanwege het weer besluiten we niet verder te gaan langs de kust, maar de Loire met zijn kastelen op te zoeken. We brengen eerst nog een bezoekje aan onze buurtjes, die met hun camper op een camping staan op Ile d'Oleron. Het is een drukte van belang: file op heen- en terugweg.

Langs de weg staat een bordje met daarop de aankondiging van een citadel: De Citadel van Brouage. Daar gaan we heen. Het fort , met dorp, werd gesticht in 1555 en was oorspronkelijk een handelspost. Van hier rijden we naar La Rochelle om te overnachten. Het is koud en winderig.

De citadel van Brouage : een toegangspoort, de smid en het hotel, cafe,restaurant

Oesterhuisjes

We zijn op weg naar de Loire. Het eerste plaatsje waar we terechtkomen is Champtoceaux. Een kleine plaats aan de rivier. De camperplek is bij een park, vanwaar je de Loire kunt zien. Het VVV is om de hoek. Het stadje heeft een ruine van een citadel, de torens staan er nog. Je kunt het terrein niet op, het is privebezit. Er is een mooie afdaling naar het water: een zigzaggend neerdalend pad. Voor de rest is het vooral een zeer rustig dorpje.

De Loire De torens van de citadel

We zullen vanaf nu de Loire volgen. Dat brengt ons in Saint Florent le Vieil, daar is een mooie grote kerk. Dan St. George sur Loire. En daar bezoeken we ons eerste kasteel. Je mag er alleen rondlopen o.l.v. een gids en er mogen geen foto's worden gemaakt. De gids let daar erg goed op ! Het is en mooi kasteel . We komen in de grote keuken en in de bibliotheek, waar 12.000 boeken staan. We hebben in de kiosk maar een aantal ansichtkaarten gekocht ter herinnering. Dan verder. Als je de Loire oversteekt ,zijn er vaak 2 bruggen. Het is een brede rivier maar op veel plaatsen niet of nauwelijks te bevaren. Op een eiland in de rivier ligt een oud dorpje: Behuard. Het is heel vaak overstroomd. Er staat een oud kerkje en wat oude huisjes.

St. Florent le Vieil: de kerk Chateau de Serrant De onderaardse gangen

Het dorpje Behuard Het kerkje De camperplek bij Bouchemaine

De brug over de Maine

We slapen deze nacht in Bouchemaine aan het water. Deze camperplek lijkt heel veel op een camping: er zijn douches, toiletten en afwasbakken. Heel fijn !De volgende dag gaan we eerst naar Angers. Het is een flinke stad aan de rivier de Maine. Het kasteel dat in de 15e eeuw werd gebouwd om de Bretonnen buiten te houden, is met stroken van plaatselijke zwarte steensoort verlevendigd. Binnen zijn de resten te zien van een opmerkelijk wandtapijt, in 1375 gemaakt, met scenes uit de Apocalyps.

Het kasteel is nog gesloten. We gaan verder naar Brissac. Daar bezoeken we het kasteel. In het midden van de 15e eeuw werd het Middeleeuwse kasteel met torens gebouwd. Het landgoed is door de generaties heen eigendom gebleven van de Cosse-Brissac familie. Hedendaags is de 13e Hertog van Brissac eigenaar en woont hier met de Hertogin , hun zoon; de Markies van Brissac, de Markiezin en hun drie kinderen. In de 2e helft van de jaren 1500 woedden er geloofsoorlogen, die veel schade toebrachten aan het kasteel. De herbouw begon in 1601. De twee kanten van de nieuwe voorgevel zijn verscholen achter de 15e eeuwse torens. De bedoeling was een perfect symetrische voorgevel te creeren, maar Charles II de Cosse overleed zonder het project te kunnen afmaken. Zo zien we nu "een half gebouwd nieuw kasteel in een half vernietigd oud kasteel ".

Totaal heeft het gebouw vijf etages. Met de rondleiding komen wij tot op de 2e. Beneden komen we in de grote salon en de eetkamer. Deze kamer heeft een plafond "a la francaise ": de geschilderde balken en dwarsbalken in een bloemmotief. Op de 1e etage komen we in de wachtzaal met de Vlaamse wandkleden en het prachtige balkenplafond met ongeveer 100 schilderingen, pastoraal, bijbels of mythologisch. We komen ook in de Louis XIII kamer, de jachtkamer, de kapel en de portretzaal. In deze zaal is een portret van de weduwe Cliquot, van een van de bekendste Franse champagnes. Op de 2e etage hebben we de toneelzaal. Het theater werd pas later gebouwd en in 1890 ingehuldigd. Heden zijn er regelmatig muzikale en culturele evenementen. In de kelders uit de tijd van Henri IV kunnen we op weg naar de uitgang wijn proeven en kopen.

Het kasteel van Angers Chateau de Brissac De gevel achter de toren

De eetkamer Trofeeen van de jacht De toneelzaal Wijn van het landgoed

Na dit uitgebreide bezoek rijden we verder langs de Loire. We komen nog diverse kerkjes en kastelen tegen o.a. in Saumur. We stoppen in Fontevraud L'Abbaye. Daar is een abdij. We bezichtigen deze. Het grootste gedeelte van deze imposante abdij raakte in verval na de Revolutie en tussen 1804 en 1965 deed zij dienst als gevangenis. De restauratiewerkzaamheden zijn nog niet afgerond. Een van de hoogtepunten vormen de graftombes in de kerk. Hier is de laatste rustplaats van Hendrik II van Engeland, zijn vrouw Eleonora van Aquitanie en hun zoon Richard Leeuwenhart. Ook heel indrukwekkend is de keuken, een gebouw ver van het hoofdgebouw af ( dat werd vroeger meer gedaan i.v.m. brandgevaar ). Het keukengebouw heeft verschillende "torens"waardoor de rook naar buiten kon via luchtkanalen. Op een parkeerplaats in de buurt staan eerst nog een aantal campers, als wij terugkomen van ons bezoek aan de abdij, zijn ze allemaal vertrokken. Wij doen dat ook. We gaan naar Villandry, daar is ook een overnachtingsplaats op een parkeerterrein. Daar staan wel veel andere campers.

De Loire Het kasteel in Saumur De abdijkerk De graftombes in de kerk

De kloostertuin De keuken met rookkanalen

Na koffie en ontbijt gaan we de volgende dag eerst naar Langeais, Kees maakt foto's van het kasteel aldaar. Dan naar Chateau D'Usse. Dat kasteel is gebruikt in de film : "Doornroosje ". We komen ook bij het kasteel/fort in Chinon. Ook daar maken we alleen wat foto's, je kunt niet alle kastelen bezoeken. We gaan wel naar binnen in kasteel Azay- le Rideau: een juweeltje van Renaissance architektuur. Je mag zonder gids dit gebouw rondgaan. Nadat de eerste eigenaar in opspraak is geraakt en gevlucht, krijgt Antoine Raffin het kasteel cadeau van

Frans I. Zijn nakomelingen wonen tot de XVIII de eeuw in het kasteel. In 1791 koopt markies Charles de Biencourt het domein. Maar aan het eind van de XIX eeuw moet het domein verkocht worden vanwege geldtekort. De staat koopt in 1905 het kasteel en een deel van het park. Op de begane grond zien we de bibliotheek, de keuken, de eetzaal, de provisiekamer, de biljartzaal en de salon van Biencourt. In dit gedeelte werden ook de gasten ontvangen. Op de eerste verdieping zijn de adellijke vertrekken. Het kasteel heeft een park aangelegd in Engelse stijl. Na ons bezoek gaan we terug nar Villandry, het was een fijne plek om te overnachten. We hebben weer genoeg kasteel gezien voor vandaag, maar de tuinen van het kasteel van Villandry is zeker de moeite waard van een bezoek.

Kasteel Azay-le Rideau De biljartkamer

De tuinen stammen uit de 16e eeuw en werden in de 20e eeuw opnieuw aangelegd door Joachim de Carvallo. Ze zijn verdeeld in 3 terrassen, waarbij de hoogste een watertuin heeft. Het middelste terras is een siertuin met bloembedden, buxushagen en fraai geschoren taxusbomen. Op het onderste

terras,recht voor het kasteel zelf, is de groententuin waar fruitbomen en groenten in nette rechte bedden staan. Ze zijn gerangschikt naar de kleur van het blad. Een wandeling door de bossen van het domein biedt mooie uitzichtpunten over de tuinen, het dorp en het dal.

De tuinen van Chateau Villandry

Terug naar hoofdpagina

Terug hoofd pagina

Pagina 5

Pagina 5